Studenten voor de stad

Kruimelpad

Pad tot huidige pagina :
 
dossiers.jpg (33 Kb)

Studenten voor de stad

12 januari 2009

In mijn vorige colum riep ik op tot het bieden van meer ruimte voor het opdoen van praktijkervaring in de curricula voor hoger- en wetenschappelijk onderwijs. Dit keer besteed ik graag aandacht aan twee prachtige praktijkvoorbeelden uit Amsterdam waarbij studenten zich nuttig maken voor de stad en tegelijkertijd praktijkervaring opdoen, studiepunten verdienen en hun CV oppoetsen.

In de master module “Maakbaarheid van de Grote Stad” van het Instituut voor Interdisciplinaire Studies van de Universiteit van Amsterdam gingen in 2008 vier groepen van vijf studenten uit allerlei verschillende studierichtingen in opdracht van diverse gemeentelijke organisaties, stadsdelen en woningbouwcorporaties aan de slag met het bedenken en daadwerkelijk in de praktijk toepassen van een interventie gericht op het oplossen van complexe maatschappelijke problemen. De studenten gingen op zoek naar oplossingen voor hangjongeren in stadsdeel Zeeburg, moeilijk bereikbare allochtone vrouwen in stadsdeel Noord, het aantrekkelijker maken van het Damrak en spookruimtes onder bruggen en in tunnels. Door hun frisse en vaak onorthodoxe aanpak gaven ze nieuwe impulsen aan weerbarstige dossiers. Naast reguliere begeleidende colleges interventiekunde werden “masters of intervention” ingevlogen om de studenten tijdens site bezoeken van advies te voorzien. Deze masters of intervention (wetenschappers, reclamemensen, architecten, internet-goeroes) verzorgden tevens een voor studenten, hun opdrachtgevers en andere geïnteresseerden een masterclass nieuwe maakbaarheid in Felix Merites. Het project wordt wegens succes in 2009 geprolongeerd en opgewaardeerd naar een volwaardige minor.

Het project “Academie van de Stad” van de Hoge School van Amsterdam brengt rond vele verschillende maatschappelijke vragen gemeentelijke en andere opdrachtgevers en studenten bij elkaar. Zo werden studenten ingezet voor “peer to peer” onderzoek naar jeugdparticipatie, gingen studenten aan de slag met huiswerkbegeleiding op een weekendacademie, gaven studenten lessen “kennis van de Nederlandse Samenleving aan allochtone vrouwen, assisteerden studenten bij een project gericht op het met elkaar laten kennismaken van buurtbewoners en begeleidden studenten achterstandsjongeren bij het maken van plannen voor een nieuw jongerencentrum. Ook dit project leverde verassend veel positieve dynamiek op. Het project begon in 2008 met vijf projecten en groeit in 2009 door naar 10 projecten.

Voortbouwend op deze kleinschalige pareltjes zou de ambitie moeten zijn om alle 100.000 HBO studenten en 50.000 WO studenten in Amsterdam de mogelijkheid te geven om studiepunten te verdienen met vergelijkbare projecten. De maatschappelijke vraagstukken in Amsterdam zijn weerbarstig. Maar de kracht van jeugdige passie en betrokkenheid bij de stad waar je studeert is een niet te onderschatten hulpbron. 150.000 studenten die jaarlijks iets doen voor hun stad in het kader van hun studie is een win/win/win/win situatie. Goed voor de studenten, goed voor de stad, goed voor de kwaliteit van het onderwijs en goed voor het imago van de kennisinstellingen.

Plannen voor maatschappelijke dienstplicht kunnen de prullenbak in. Mits gecompenseerd met studiepunten hoeven studenten niet verplicht te worden tot het vervullen van een maatschappelijke stage. Studenten hunkeren naar het opdoen van praktijkervaring. Projecten als Maakbaarheid van de Stad en Academie van de Stad verkopen zichzelf. Het enige wat de instellingen van hoger en wetenschappelijk onderwijs moeten doen is het opnemen van vergelijkbare projecten in de curricula van alle jaargangen van alle studierichtingen en het op internet openen van een marktplaats voor opdrachtgevers om hun projecten aan te melden.

 

Erik Gerritsen, kennisambassadeur namens de Gemeente Amsterdam
egerritsen@bda.amsterdam.nl zie ook www.deslimmeoverheid.nl